Druk, druk, druk

Tijd voor een update over de voorgenomen trip naar de Noordkaap. Er is toch alweer het één en ander gebeurd. Zowel Barry als ik hebben onze Enroute Instrument Rating (E-IR) gehaald. Het schijnt dat wij bij de eerste 5 piloten horen die deze rating in Nederland behaald hebben.

Daarnaast hebben we onze eerste bijeenkomst gehad met potentiële crewleden om vast te stellen wie er mee gaat en welke data uit zouden komen. De initiële lijst van geïnteresseerden is een beetje aangepast. Er vielen wat mensen af en er kwamen wat mensen bij. Gelukkig zijn de initiatiefnemers wel gelijk gebleven. Voor nu ziet het ernaar uit dat de heenweg gevlogen wordt door Frank en Barry, aangevuld met “selfloading cargo” Hans. De terugweg vindt plaats onder leiding van Paul, die nog druk bezig is met het samenstellen van zijn crew.

Een niet onbelangrijk element van deze reis: Het vliegtuig. We hebben toestemming gevraagd (en gekregen) om het vliegtuig (de PH-KAX) te gebruiken. Ook de datum is bepaald. De heenreis zal, ijs en weder dienende, aanvangen op 16 mei 2017.

Ondertussen droom ik af en toe weg bij de beelden die we hopen te gaan zien. Daar biedt de website visitnorway.nl voldoende gelegenheid toe. We zijn in ieder geval van plan niet alleen te vliegen, maar ook zeker het land te bekijken.

I Love It When A Plan Comes Together

Zoals elke vlucht begint ook een buitenlandtrip met een goede voorbereiding. Ik ben het type piloot dat de voorbereiding minimaal net zo leuk vindt als de uiteindelijke vlucht. Een vlucht is voor mij pas echt geslaagd als het een uitvoering is van de voorbereiding. In dat opzicht lijk ik op Colonel “Hannibal” Smith van the A-team: Aan het eind van de vlucht denk ik graag: “I love it when a plan comes together”.

 

De voorbereiding van een buitenlandtrip heeft wat meer voeten in aarde dan de voorbereiding van een vluchtje van Lelystad naar Texel. Ik wil hiermee niet zeggen dat je een dergelijke vlucht niet serieus moet nemen, maar ik weet zeker dat er nogal wat piloten die voor een vluchtje Texel voor vertrek even naar boven kijken voor het weer en vervolgens besluiten te vertrekken.

 

Voor een meerdaagse trip naar een verre en onbekende bestemming heb je natuurlijk te maken met alle zaken die bekend zijn uit de normale vluchtvoorbereiding, maar daarnaast krijg je ook te maken met zaken die onbekend zijn. Het belangrijkste probleem is dat je van sommige zaken niet weet dat je ze niet weet. Het wordt de kunst om ervoor te zorgen dat je voor aanvang van de vlucht alle onbekende factoren in kaart hebt.

In dit soort gevallen begin ik met het verzamelen van informatie uit verschillende bronnen. Het eerste dat ik doe is het trekken van een initiële lijn op de kaart (in Skydemon). Zo kun je in 1 oogopslag kijken waar de reis je ongeveer langs voert.

Als tweede is het zaak dat je alles te weten komt over de regels, de procedures, het terrein en de weersverschijnselen in de landen waar je reis je naartoe (of doorheen) brengt. Daar zijn verschillende bronnen voor. Natuurlijk zijn er de officiële publicaties (AIP), waarover later meer, maar ik maak ook volop gebruik van mijn goede vriend Google.

Het eerste juweeltje dat ik vond door op Google “VFR flying Norway” in te tikken, is een publicatie van Luftfartstilsynet, de Noorse equivalent van LVNL. Zij hebben een mooie gids uitgebracht met tips & tricks voor de GA vlieger naar Noorwegen. Zomaar een paar prachtige tips uit dit document:

 

  • Abonnement voor landingen
    • Je kunt in Noorwegen een weekpas kopen waarmee je onbeperkt kunt landen op alle vliegvelden van Avinor. Dat zijn behoorlijk veel velden en zo’n weekpas kost ongeveer 80 euro.
  • Abonnement voor parkeerkosten
    • Op dezelfde manier als bij de landingsgelden, kun je ook een weekpas kopen voor de parkeerkosten. NOG BETER: als je kunt aantonen dat de eigenaar van het vliegtuid AOPA lid is, kun je gratis parkeren op de Avinor velden.
  • Bergvliegen
    • Noorwegen heeft nogal wat bergachtig terrein. Hier gelden dus ook de belangrijke regels van het bergvliegen. Daarop wordt in het boekje nog eens duidelijk in gegaan. Ook belangrijk om te weten is dat veel velden een redelijk korte baan hebben en vaak onderin het dal van een fjord of bergpartij liggen. Dat maakt het aanvliegen van een dergelijk veld tot een serieuze zaak.
  • Balked landing lights
    • Veel velden hebben een relatief korte landingsbaan. Deze velden zijn voorzien van “balked landing lights”. Als je voorbij deze lampen bent en je vliegtuig staat niet stevig op de baan is het tijd voor een go-around.
  • Waar vind ik mijn info
    • Het document heeft een goede verzameling van links en telefoonnummers voor de verschillende autoriteiten en informatiebronnen.
  • Obstakels / draden
    • Een belangrijke tip die je in het boekje kunt vinden is dat er in de fjorden en bergen veel kabels en draden gespannen zijn die lang niet allemaal op de kaart staan aangegeven. Zoals de Noren zeggen: kijk uit naar de palen, die kun je wel zien, de draden zijn bijna niet te zien.
  • Specifieke weersomstandigheden
    • Mede door de (steile) bergformaties en de ligging aan zee, heeft Noorwegen te maken met bijzonder weer dat zeer snel kan omslaan. Het is dus zaak om daar goed naar te kijken en ook te allen tijde een plan B (en C) te hebben. Ik ben nu al blij met mijn E-IR training!

 

Een soortgelijk boekje bestaat trouwens ook voor Zweden. Daar worden weer leuke eisen gesteld m.b.t. survival spullen die je mee moet nemen.

 

Binnenkort ga ik met Barry samen zitten om eens een eerste versie van een route te bepalen. Hoe dat eruit gaat zien kunnen jullie binnenkort lezen

Leave a Reply